vrijdag 5 juni 2015

Keuzeopdracht De donkere kamer van Damokles

De donkere kamer van Damokles


Opdracht 1

Titel: Willem Frederik Hermans, De donkere kamer van Damokles.
Uitgegeven door G.A Van Oorschot (te Amsterdam). 1e Druk November 1958, 29e Druk Februari 1988.
335 pagina's

genreDe donkere kamer van Damokles is een psychologische (oorlogs) roman.

Samenvatting: 
Henri Osewoudt is de zoon van een sigarenwinkelier te Voorschoten. Als hij nog op de lagere school zit, vermoordt zijn moeder zijn vader in een vlaag van waanzin. Henri wordt opgevoed door zijn oom Bart Nauta in Amsterdam. Op de middelbare school gaat hij niet om met zijn klasgenoten. Hij leeft in een isolement en gaat alleen om met zijn zeven jaar oudere nicht Ria. Hij doet aan judo, waardoor zijn voeten vergroeien. Hij is lelijk, heeft geen baardgroei en een hoge stem. Ook Ria is lelijk. Als Henri 18 is, trouwt hij met Ria; hij zet zijn vaders zaak voort en zijn moeder woont bij hen in. Henri is afgekeurd voor militaire dienst, maar is wel bij de Burgerwacht. Als de oorlog uitbreekt, moet hij op wacht staan bij een postkantoor. Luitenant Dorbeck, op wie Henri als twee druppels water lijkt, geeft hem een filmrolletje, dat ontwikkeld moet worden. Later komt hij weer terug met nog meer films, die ook ontwikkeld moeten worden en opgestuurd aan E. Jagtman.
Na het ontwikkelen krijgt Henri niets dan zwarte vlekken te zien. Hij durft de foto's niet terug te sturen, koopt een Leica en maakt zelf foto's van militaire objecten. Tijdens een
hevig onweer komt Dorbeck, enige tijd later. Henri krijgt opdracht naar Haarlem te komen. Daar ontmoet hij Dorbeck en Zewuster. Met de laatste gaat hij naar de Kleine Houtstraat, waar ze in een huis twee mensen neerschieten. De zoon van de drogist uit Voorschoten heeft hen gevolgd. Henri ontwikkelt het filmpje dat hij in 1940 van Dorbeck had gekregen. Op een van de foto's staat Dorbeck met twee vriendinnen. Er valt een brandend vliegtuig op het huis van Jagtman, waardoor de hele familie Jagtman omkomt. In 1944 (Dorbeck heeft 3 jaar lang niets van zich heeft laten horen) krijgt Henri een brief van Dorbeck met het verzoek de foto's op te sturen naar een postbusnummer. Henri gaat kijken wie de foto's uit de bus haalt; dat blijkt een heilsoldate te zijn. Een paar dagen later wordt hij opgebeld door Elly Meier, die zegt dat ze uit Engeland is overgekomen. Ze toont hem een van de foto's die hij aan Dorbeck had opgestuurd. Hij brengt haar naar oom Bart. Terug in Den Haag hoort hij van Moorlag, zijn kamergenoot, dat de Duitsers hem in zijn huis opwachten en dat Ria en zijn moeder gevangen zijn genomen. Hij gaat met Moorlag naar Leiden, waar een student valse persoonsbewijzen maakt voor hem en Elly. Zijn haar wordt zwart geverfd door Marianne, een ondergedoken joodse studente. Henri duikt onder en gaat foto's ontwikkelen voor Labare. Hij beseft nu hoe hij veranderd is. Marianne gaat voor hem naar oom Bart met Elly's persoonsbewijs. Deze is echter al verdwenen. Henri gaat naar Amsterdam en vertelt aan oom Bart dat Ria en zijn moeder zitten. Oom Bart maakt hem verwijten. Henri krijgt van Dorbeck opdracht naar het station in Amersfoort te gaan. Daar zal hij een vrouw ontmoeten in leidsteruniform van de Nationale Jeugdstorm. Samen gaan ze naar Lunteren, waar Lagendaal, die voor de Gestapo werkt, uit de weg moet worden geruimd. De aanslag lukt, maar op de terugweg wordt de vrouw aangehouden. In Amsterdam ontmoet Henri Marianna. In de bioscoop ziet Henri een oproep tot zijn eigen aanhouding. Als hij de zaal uitloopt, wordt hij gepakt. Tijdens het verhoor wordt hij zo gemarteld, dat hij naar het ziekenhuis moet. Hij wordt daaruit bevrijd door gemaskerde mannen, die hem naar Leiden brengen.
Bij Labare ontmoet hij Marianne weer. 's Nachts worden ze door de Duitsers overvallen.
Henri weet te ontkomen, maar wordt later toch gearresteerd. In de cel zoekt de Duitser Ebernuss hem op, die beweert hij hem goedgezind is. Hij heeft ervoor gezorgd, dat Marianne, die een kind verwacht, weer vrij is. Ebernuss houdt zich bezig met het probleem of Dorbeck, de dubbelganger van Henri, bestaat. Daarom moet Henri naar Amsterdam gaan, waar een clandestiene sociëteit is voor ondergrondse helden. Als Dorbeck bestaat, zal Henri hem zeker ontmoeten. Ebernuss geeft Henri zijn Leica en samen gaan ze naar Amsterdam. In de sociëteit is er een man van wie Henri gelooft dat het Dorbeck is. Van hem krijgt hij giftige kristallen, die hij in Ebernuss' borrel doet. Dorbeck en Henri gaan er samen in de auto van Ebernuss vandoor. In een leegstaand huis fotografeert Henri zichzelf met Dorbeck in een spiegel. Dorbeck vertelt hem dat Ria samen woont met de zoon van de drogist die Henri verraden had, toen hij de aanslag in Haarlem pleegde. Henri krijgt een verpleegstersuniform. Dorbeck bericht hem dat Marianne in een kraamkliniek ligt. Daar aangekomen wordt hij naar een kelder gebracht waar hij het lijkje van zijn kind ziet. Een Duitse soldaat neemt hem mee in zijn auto. In Voorschoten doodt hij Ria en in Dordrecht de Duitser; daarna vraagt hij hulp aan een pastoor. Met de hulp van de illegaliteit en een arts komt hij in Breda aan. Hij meldt zich bij het hoofdkwartier van de Nederlandse Strijdkrachten. Daar arresteert men hem, omdat men denkt dat hij een land verrader is. Hij wordt naar Engeland gebracht. Daar behandelt Selderhorst zijn zaak. Henri wordt van vele dingen beschuldigd en Dorbeck, die zal kunnen aantonen dat hij verzetsheld is, is onvindbaar. Jagtman en Moorlag zijn dood en Marianne is in Israel. Oom Barts verklaring is zeer vaag. Eindelijk wordt de Leica van Henri gevonden. Hij ontwikkelt het filmpje, maar de foto met Dorbeck is mislukt. Henri rent naar buiten en wordt neergeschoten



Titelverklaring


Een titel is vaak de kortst mogelijke samenvatting van een verhaal. Een titel van een 
verhaal kent verschillende interpretaties, meestal een letterlijke en een 
figuurlijke.Vaak gebruikt de auteur de titel ook nog op een speciale manier. 
- Geef die twee of drie titelverklaringen. Als je er meer weet, mag je er natuurlijk 
meer geven. 
Verplaats je ook even in een ander: 
- Jij bent de auteur en je kiest een titel die jij het geschiktst vindt. Verklaar die 
nieuwe titel. 
- Nu kies je als uitgever een uitdagende titel die het beste effect heeft op de 
verkoopcijfers. Verklaar je keuze.

De titel "De donkere kamer van Damokles" is mogelijk zo genoemd vanwege het feit dat de hoofdpersoon foto's ontwikkelt in een donkere kamer vanwege het feit dat het boek plaatsvindt in een periode waar foto's nog ontwikkeld moesten worden op deze manier. De foto's die ontwikkeld werden in deze donkere kamer, hadden een grote impact op het leven van de hoofdpersoon. Deze foto's verzegelden het lot van de hoofdpersoon.
Een andere mogelijke verklaring is het feit dat een donkere kamer voor eenzaamheid en isolement staat. De hoofdpersoon is iemand die veel op zich zelf is en wordt vaak niet geaccepteerd door anderen vandaar een donkere kamer van eenzaamheid.
De titel kan ook komen vanwege het feit dat het verhaal zich vaak op donkere plekken afspeelt wat een negatieve en eenzame sfeer opwekt en dus ook als een donkere kamer kan worden opgevat.

"Een ander leven" vanwege het feit dat Henri niet tevreden is met zijn leven en niet altijd gedaan krijgt wat hij wilt. Henri zit vast in een leven waar hij meer uit wilt halen maar niet kan, en dan komt Dorbeck om de hoek kijken. Dorbeck lijkt als twee druppels water op Henri, maar in tegenstelling tot Henri heeft hij wel wat Henri wilt. Vandaar de titel "Een ander leven". 

"De uitleg voor de velen namen van één man" , want Henri gebruikt velen namen voor zichzelf om zich te beschermen. dit zal goed verkopen want ieder die het ziet zal willen weten waarom één man meerdere namen heeft. Het belooft een oplossing tot een mysterie en mensen zijn meestal aangetrokken tot mysteries vanwege hun nieuwsgierige aard.


vrijdag 17 april 2015

Max Havelaar

De Romantiek is de periode van ongeveer 1770 tot 1880. Als reactie op het rationalisme richt de romanticus zich meer op het gevoelsleven. Het verstand is niet langer het uitgangspunt voor de kunst, maar juist het gevoel en je fantasie. De romanticus zette zich af tegen het gewone leven en kiest voor individualisme. Hij is niet gelukkig met de tijd waarin hij leeft en het pessimisme is een belangrijk begrip voor hem.
Een kenmerk van de Romantische periode is vriendschap, gevoel en liefde voor anderen. De vriendschap is in Max Havelaar het hele boek door belangrijk. Droogstoppel probeert vrienden te blijven met de familie stern. Max Havelaar probeert vrienden te blijven met de regent, met Van Brugge, met de bevolking en met ieder ander mens om hem heen. Ook de romantische liefde tussen Tine en Max wordt duidelijk beschreven in het boek. 
Romantische personages zijn vaak ronddwalende met een groot onvervulbaar verlangen, idealisten en wereldverbeteraars of lijders aan weltschmerz, dit zie je terug in de hoofdpersoon Max Havelaar. Max Havelaar leeft in voortdurende onvrede met de wereld en wil de wereld dan ook graag verbeteren. Hij is een idealist en heeft het onvervulbare verlangen het leven voor de inlanders te verbeteren. (Ook Multatuli zelf is een romanticus. Ook hij heeft onvrede met de toestanden in Nederlands-Indië en wil dit graag verbeteren.) 
De zelfingenomen burger komt ook zelfs nog heel nadrukkelijk naar voren in het boek. Batavus Droogstoppel is namelijk hét voorbeeld van een zelfingenomenburger. In het boek wordt hij en zijn soort mensen belachelijk gemaakt. Hierdoor komt nog een ander kenmerk van de romantiek naar voren: de breuk met het classicisme. Door Droogstoppel belachelijk te maken, maakt hij in feite ook het classicisme belachelijk. Hij breekt met het classicisme. In de Romantiek kwamen mensen in opstand en waren ze niet blij met de tijd waarin ze leefden (het classicisme). Max Havelaar kwam in opstand tegen de situatie in Nederlands-Indië. Het boek is geschreven als protest tegen het misbruik van het koloniale stelsel, in het boek zit een aanklacht tegen de burgerlijke mentaliteit.

Vluchtgedrag is ook typischvoor de Romantische periode. In Max Havelaar is niet het typische vluchtgedrag aan de orde, maar wordt er vluchtgedrag in de vorm van taalgebruik getoond. Zijn ironie en sarcasme zijn een mogelijkheid om te vluchten aan de werkelijkheid. 
In het verhaal zijn een kort verhaal een meerdere gedichten verweven. Ook dit is een typisch kenmerk voor de romantiek.

Toch is het boek ook te plaatsen in het Realisme. De autobiografische achtergrond maakt het boek realistisch. Een groot deel van het boek is de waarheid en hij probeert de realiteit zo goed mogelijk weer te geven. Hij spreekt de lezer aan in het boek, bijvoorbeeld: ‘Welnu, lezer, aan mijn onkreukbare liefde voor de waarheid, en aan mijn ijver voor de zaak hebt u te danken dat deze bladzijden geschreven zijn. Ik zal u vertellen hoe dat is gegaan’. Die techniek werd vaak gebruikt bij auteurs uit het Realisme, zodat ze meer de werkelijkheid konden weergeven. En Max Havelaar is niet met de dood bezig en hij vlucht niet weg in een droomwereld of naar verre landen, hij vertoont dus geen duidelijk vluchtgedrag, wat typerend zou zijn voor de Romantiek.

Uiteindelijk vind ik dat Max Havelaar representatief is voor de Romantische literatuur, want er zijn meer romantische kenmerken, dan realistische kenmerken.

vrijdag 6 februari 2015